Melding sluiten
inzicht en ontwikkeling
Menu

17 jaar ontwikkelingen in zorg en onderwijs

Catharina Vasterling:'Ik zie langzaamaan een paar lichtpuntjes, maar ben er nog niet gerust op'

‘De cursussen ga ik zeker missen, maar het is een weloverwogen beslissing geweest om te stoppen. Ik ben nu 71. Straks wordt het “oma vertelt” en dat wil ik voorkomen.´ Aan het woord is Catherina Vasterling, van oorsprong psychotherapeut en tot eind 2016 docent bij GITP PAO. Ze begon in 1999 met de cursus Consultatie en Advies. Catherina heeft in haar werkzame leven de ontwikkelingen in zorg en onderwijs van dichtbij meegemaakt en veel zien veranderen. Wat zijn haar ervaringen? En, wat wenst ze aankomende gedragsdeskundigen in de zorg en het onderwijs toe? 

De eerste cursisten bij GITP PAO

Voordat Catharina Vasterling wordt gevraagd door GITP PAO, geeft ze als GGZ professional consultatiegever consultatie aan groepen huisartsen, een hele andere doelgroep dan waar ze bij GITP PAO voor komt te staan. ‘Bij GITP PAO waren de cursisten gedragsdeskundigen in een nieuwe functie bij de Raad van de Kinderbescherming. Een hele andere tak van sport. De Raad van de Kinderbescherming was toentertijd een vrij rigide organisatie met een hiërarchische bureaucratische structuur. Er was veel weerstand tegen de nieuwe functie, de rol was onduidelijk en er was weinig ondersteuning vanuit de organisatie. De redenatie was: “Ga het maar gewoon doen.” De gedragsdeskundigen hadden in hun opleiding echter niet geleerd hoe ze daarmee om moesten gaan.’  


 Over Catharina Vasterling

Catharina Vasterling start na haar studie als psychotherapeut in de psychiatrie. Later in haar loopbaan combineert ze dit vakgebied met een managementfunctie in de GGZ. Rond 1975 waait consultatie als methode om professionals te helpen competenter te worden, vanuit Amerika over naar Nederland. Catharina volgt de opleiding en gaat vanuit de toenmalige RIAGG consultatie geven aan huisartsen. In 1999 komt ze op uitnodiging bij GITP PAO als docent van de cursus Consultatie en Advies voor gedragsdeskundigen bij de Raad van de Kinderbescherming. Na 8-9 jaar nemen steeds meer pedagogen, orthopedagogen en psychologen uit het onderwijs deel aan de cursus. Ze combineert lange tijd het docentschap en de managementfunctie met haar eigen psychotherapiepraktijk. Tot 2010 is ze werkzaam bij een GGZ-instelling. Eind 2016 stopt ze als docent, maar op 71-jarige leeftijd is ze nog steeds actief in haar eigen psychotherapiepraktijk.
 Catharina
   

 
Leren omgaan met weerstand en een onduidelijke rol

‘Ik had bij de Raad van de Kinderbescherming de naïeve verwachting consultatie te gaan geven, maar ik moest hele andere dingen doen. Vragen van cursisten waren: “Hoe ga ik om met weerstand? Hoe ga ik om met deze rol?” Het heeft een aantal jaar geduurd voordat de gedragsdeskundigen in de nieuwe functie werden geaccepteerd en erkend door de organisatie. Daar heb ik nog een paar jaar van mogen profiteren, in de zin van dat ik echt aan het vak toe kwam. De latere cursisten kwamen uit het onderwijs en hadden gedeeltelijk andere vragen. Zij waren geïnteresseerd in de begeleiding van ouders en leerkrachten en de omgang met besturen en directies van scholen.’

Laten voelen, ervaren, beleven

 Het fijne van GITP PAO als cursusorganisatie vindt Catharina dat ze het vertrouwen en de ruimte krijgt om het op haar eigen manier te doen. 'Van cursisten kreeg ik wel eens de opmerking "Waarom gebruik je een ouderwetse flap-over in plaats van een PowerPoint?" Dat deed ik heel bewust. Met die manier van werken ben je als docent gedwongen actief in contact te blijven met de cursisten. En, ik dwong hen te voelen wat het effect is van wat ik wel en niet doe. Zelf voelen, ervaren en beleven hoe je de interactie kan beïnvloeden door je eigen gedrag, hoe je de ander ruimte kan geven of juist ruimte kan wegnemen. Dat was essentieel in mijn cursussen. Kennis kun je uit een boek halen. Daar heb je geen docent voor nodig. Om te kunnen ervaren, heb je de ander nodig. Voor mij is dat wat een cursus moet opleveren. 

 
Onzekerheid bij othopedagogen

De laatste 10 -12 jaar van haar docentschap merkt Catharina dat haar cursisten, voornamelijk orthopedagogen in het onderwijs, altijd in een deskundigheidsrol neergezet worden. ‘Dat begint al in de opleiding. Orthopedagogen hebben het gevoel dat ze op elke vraag direct een antwoord moeten hebben. Dat is schier onmogelijk en creëert een groot gevoel van onzekerheid bij mensen die eigenlijk heel competent zijn. Bovendien beseffen ze niet dat ze zelf wat aan deze situatie kunnen doen.’

 
Deskundigheid als excuus

‘Daar komt bij dat in de huidige praktijk orthopedagogen op posities worden neergezet met veel verantwoordelijkheid, zonder dat ze de middelen of handvatten krijgen om met die verantwoordelijkheid om te gaan. Daardoor worden ze extra belast. De laatste jaren gingen mijn cursussen dan ook vooral over hoe met die rol om te gaan. Bijvoorbeeld orthopedagogen die verantwoordelijk zijn voor het stellen en uitvoeren van indicaties, terwijl de school zegt niet over de middelen te beschikken. De orthopedagoog ziet dat vaak als een eigen probleem, terwijl dit een organisatieprobleem is. Deskundigheid wordt in het onderwijs vaak gebruikt als excuus. Het systeem is op papier vraag gestuurd maar het komt in de praktijk vaak neer op één oplossing voor alle kwalen. Dit is iets wat cursisten niet zelf kunnen oplossen. Tijdens de cursussen herkennen de cursisten dat bij elkaar, wisselen ervaringen uit en hebben we het erover hoe je daar het beste mee om kunt gaan. Maar het blijft frustrerend.’

De ideale toekomst

Voor de toekomst hoopt Catherina dat zorg- en onderwijsprofessionals zelfbewuster worden opgeleid om vakkennis in te zetten op een manier die bij de hulpvraag past en dat er maatschappelijk meer waardering komt voor het vak. ‘Het zijn nu de procedures die bepalen, in plaats van de professionals. Natuurlijk zijn procedures belangrijk, maar een weloverwogen besluit om ervan af te wijken is net zo belangrijk. Ik zie langzaamaan een paar lichtpuntjes die wijzen op een positieve kentering, maar ik ben er nog niet gerust op.’